| Expositie:
"Kattenkoppen en andere schatjes"
22 maart t/m 1
juni 2008
De
wereld bestaat uit kattenliefhebbers en kattenhaters. De
laatste jaren is in de westerse samenleving de kat de hond
voorbijgestreefd in populariteit als gezelschapsdier.
Hoewel
een kat natuurlijk aandacht en verzorging nodig heeft, is
hij minder veeleisend dan andere diersoorten. Katten wassen
zich, begraven hun uitwerpselen, slapen veel en blaffen
niet. Je zou kunnen denken dat de belangstelling voor katten
iets van deze tijd is, maar dat is niet het geval. Katten
hebben altijd al deel uitgemaakt van het huiselijk leven.
Vroeger vooral als bestrijder van ongedierte en in de 19
e eeuw raakte de kat als gezelschapsdier in de mode.
De
mysterieuze invloed van de kat is groot, zelfs zo groot
dat hij duizenden jaren zorgt voor uiteenlopende opvattingen.
De oude Egyptenaren dachten dat hun ziel na de dood overging
naar de kat. Daarom werd de kat in de vorm van Bastet (de
kattengodin) beschermd en vereerd.
Tijdens
de middeleeuwen geloofde men in Europa het tegenovergestelde,
volgens de kerk hoorde de kat bij de duivel. In Zuid-Amerika
beschouwde men de kat juist als een heilig dier, ze geloofden
dat de spiegelogen vensters waren naar een andere wereld.
Tegenwoordig
leiden katten meestal een onschuldig bestaan, al blijven
ze onderwerp van bijgeloof. Sommige volken zien zwarte katten
als geluksbodes, anderen weer als onheilsbodes, of ze gebruiken
de kat als talisman of mascotte.

In
Japan en China beschouwt men de "wenkende kat" als een bijzonder
goed voorteken voor het verkrijgen van geluk!
Kunstenaars
beelden katten vaak af als symbool van moederschap en vruchtbaarheid,
vanwege het sterke moederinstinct, of men schildert een
witte kat als teken van zuiverheid. |